Help, mijn wijn wordt warm!
Dé zomertips om wijn perfect op temperatuur te krijgen (én houden)
Het is volop zomer! De zon schijnt, de temperaturen stijgen en de behoefte aan een heerlijk glas wijn op het terras of in de tuin groeit met de minuut. Maar die hitte brengt één groot probleem met zich mee: de temperatuur van je wijn.
Er is weinig zo teleurstellend als een lauwe, logge witte wijn of een rode wijn waarvan je denkt: "Is dit Glühwein?" Toch maken we in onze zoektocht naar verkoeling een paar flinke fouten. We koelen witte wijn vaak té ver terug, terwijl we rode wijn juist nog net niet verwarmd serveren. En hoe houd je die wijn eigenlijk koel als de zon op je glas brandt?
Met deze trucs overleef je de zomerhitte als een ware sommelier!
De grote valkuil: Wit is te koud, rood is te warm
In de zomer zijn we geneigd om in extremen te denken, maar voor je wijn is dat zonde van de smaak.
Witte wijn en rosé: Pas op voor bevriezing van de smaak
Om maar te voorkomen dat de wijn warm wordt, begraven we witte wijn en rosé het liefst onder een berg ijs. Maar als je wijn té koud serveert (onder de 6 à 7 graden), slaat de wijn 'dood'. Je proeft de fruitige aroma's niet meer en ruikt vrijwel niets. De wijn wordt waterig, zuur en vlak. Zonde!
Rode wijn: "Kamertemperatuur" is geen 25 graden!
De grootste zomermythe is dat rode wijn op kamertemperatuur geserveerd moet worden. Vroeger, toen huizen slecht geïsoleerd waren en geen cv hadden, was kamertemperatuur zo'n 17 à 18 graden. Zit je in de zomer in een warme tuin van 25 graden? Dan is je rode wijn veel te warm. Rode wijn die opwarmt, verliest zijn elegantie. De alcohol verdampt sneller, waardoor de wijn log, zwaar en zelfs branderig gaat smaken. De tip? Zet je rode wijn in de zomer gerust een half uurtje in de koelkast voordat je hem opentrekt. Licht gekoeld (zo'n 14 tot 16 graden) smaakt zomerse rode wijn fantastisch! Als je ook op een rustig tempo drinkt kun je die rode wijn ook prima in de koelkast laten staan, een glas warmt sowieso snel op.
Schenk slim: Less is more
We hebben allemaal van die prachtige, grote wijnglazen in de kast staan. Ziet er prachtig uit, maar in de zomer is het je grootste vijand, althans het volgieten ervan. Wijn warmt in je glas razendsnel op door de omgevingstemperatuur (en de warmte van je handen als je zo iemand bent die de kelk vasthoudt).

Hoe voller je het glas schenkt, hoe meer warme wijn je aan het einde van je glas aan het drinken bent. De oplossing is simpel: schenk vaker een kleiner laagje in. Laat de rest van de wijn lekker in de koelkast of de koeler staan, daar is de temperatuur wél veilig.
Paniek! Wijn vergeten koud te leggen. Wat nu?
Je krijgt onverwachts visite en je hebt dorst, maar de wijn ligt nog in het wijnrek. Geen paniek, met deze twee trucs heb je in recordtempo koude wijn:
Truc 1: Het Keukenpapier-pakketje (15 minuten)
Maak een paar vellen keukenpapier (of een schone theedoek) kletsnat onder de ijskoude kraan. Wikkel dit strak om de fles wijn heen en leg de fles in de vriezer. Omdat het vocht in het papier razendsnel bevriest, onttrekt het veel sneller warmte aan de fles dan koude lucht dat kan. Na 15 minuten is je wijn perfect op temperatuur! (Zet voor de zekerheid even een wekker, anders klapt de fles).
Truc 2: Een bak ijs met zout (5 tot 10 minuten)

De absolute horeca-truc voor noodsituaties. Pak een wijnkoeler of een emmer. Vul deze voor de helft met ijsklontjes en vul aan met koud water tot de fles onder staat. En dan de magie: gooi er een flinke hand keukenzout bij! Het zout zorgt ervoor dat het vriespunt van het water daalt. Het ijs smelt sneller, waardoor het water om de fles heen extreem koud wordt (onder het vriespunt), zonder te bevriezen. Beetje roeren, en binnen 5 tot 10 minuten is je fles goed op temperatuur.
Laat de zomer (én de visite) maar komen.
Proost!

Reacties (0)
Er zijn geen reacties voor dit artikel. Wees de eerste die een bericht achterlaat!